Avatar of Vocabulary Set jaar oud

Vocabulaireverzameling jaar oud in Algemene IELTS-woordenschat (band 5): Volledige en gedetailleerde lijst

De vocabulaireverzameling 'jaar oud' in 'Algemene IELTS-woordenschat (band 5)' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...

Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland

Nu leren

young

/jʌŋ/

(adjective) jong, beginnend;

(noun) de jeugd, jongeren

Voorbeeld:

She is a very young child.
Zij is een heel jong kind.

old

/oʊld/

(adjective) oud, voormalig, ouwe

Voorbeeld:

In the old days, people used to write letters.
In de oude dagen schreven mensen brieven.

middle-aged

/ˌmɪd.əlˈeɪdʒd/

(adjective) middelbare leeftijd, van middelbare leeftijd

Voorbeeld:

My parents are both middle-aged.
Mijn ouders zijn allebei van middelbare leeftijd.

adult

/ˈæd.ʌlt/

(noun) volwassene;

(adjective) volwassen, rijp

Voorbeeld:

Children must be accompanied by an adult.
Kinderen moeten worden begeleid door een volwassene.

junior

/ˈdʒuː.njɚ/

(noun) junior, jongere, derdejaars student;

(adjective) junior, jongere

Voorbeeld:

She was promoted from junior associate to senior manager.
Ze werd gepromoveerd van junior medewerker naar senior manager.

aged

/eɪdʒd/

(adjective) oud, van leeftijd, bejaard;

(verb) verouderen, rijpen

Voorbeeld:

He is aged 65.
Hij is 65 jaar oud.

teenage

/ˈtiːn.eɪdʒ/

(adjective) tiener, adolescent

Voorbeeld:

She spent her teenage years living in London.
Ze bracht haar tienerjaren door in Londen.

youthful

/ˈjuːθ.fəl/

(adjective) jeugdig, jong, typisch voor jongeren

Voorbeeld:

She has maintained her youthful appearance even in her fifties.
Ze heeft haar jeugdige uiterlijk behouden, zelfs in haar vijftiger jaren.

mature

/məˈtʃʊr/

(adjective) volwassen, rijp;

(verb) rijpen, volwassen worden, vervallen

Voorbeeld:

She is very mature for her age.
Ze is erg volwassen voor haar leeftijd.

elderly

/ˈel.dɚ.li/

(adjective) bejaard, oud;

(plural noun) de ouderen, bejaarden

Voorbeeld:

The elderly couple enjoyed a quiet walk in the park.
Het bejaarde echtpaar genoot van een rustige wandeling in het park.

senior

/ˈsiː.njɚ/

(noun) senior, oudere, laatstejaars;

(adjective) senior, ouder, hoger in rang

Voorbeeld:

She is a senior manager in the company.
Zij is een senior manager in het bedrijf.
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland