Vocabulaireverzameling Ruimte en gebied in IELTS Academische Woordenschat (Band 5): Volledige en gedetailleerde lijst
De vocabulaireverzameling 'Ruimte en gebied' in 'IELTS Academische Woordenschat (Band 5)' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland
Nu leren(adjective) ruim, groot;
(noun) huisgenoot, kamergenoot
Voorbeeld:
(adjective) strak, vast, dicht;
(adverb) strak, stevig, vast
Voorbeeld:
(adjective) druk, overvol
Voorbeeld:
(adjective) krap, benauwd;
(verb) beperken, belemmeren
Voorbeeld:
(adjective) beperkt, opgesloten, bekrompen
Voorbeeld:
(adjective) omsloten, ingesloten, bijgevoegd;
(verb) bijvoegen, insluiten, omsluiten
Voorbeeld:
(adjective) compact, dicht;
(noun) poederdoos, compact;
(verb) verdichten, samenpersen
Voorbeeld:
(adjective) vernauwd, bekneld, beperkt;
(past tense) vernauwde, snoerde in
Voorbeeld:
(adjective) vastgelopen, geblokkeerd, vol
Voorbeeld:
(adjective) open, geopend, onbedekt;
(verb) openen, beginnen;
(adverb) open;
(noun) open ruimte, buitenlucht
Voorbeeld:
(adjective) smal, beperkt, eng;
(verb) versmallen, beperken
Voorbeeld: