Vocabulaireverzameling Productie en industrie in IELTS Academische Woordenschat (Band 5): Volledige en gedetailleerde lijst
De vocabulaireverzameling 'Productie en industrie' in 'IELTS Academische Woordenschat (Band 5)' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland
Nu leren /əˈsem.bli/
(noun) bijeenkomst, vergadering, samenkomst
Voorbeeld:
The school held a special assembly for the graduating students.
De school hield een speciale bijeenkomst voor de afstuderende studenten.
/məˈʃiː.nɚ.i/
(noun) machines, machinerie, mechanisme
Voorbeeld:
The factory uses heavy machinery for production.
De fabriek gebruikt zware machines voor de productie.
/ˈwɝːk.fɔːrs/
(noun) personeelsbestand, beroepsbevolking, arbeidskrachten
Voorbeeld:
The company is looking to expand its workforce by 20%.
Het bedrijf wil zijn personeelsbestand met 20% uitbreiden.
/prəˈdʌk.ʃən/
(noun) productie, vervaardiging, voorstelling
Voorbeeld:
The factory increased its production of cars.
De fabriek verhoogde haar productie van auto's.
/ɡʊdz/
(plural noun) goederen, koopwaar, bezittingen
Voorbeeld:
The store sells a variety of household goods.
De winkel verkoopt een verscheidenheid aan huishoudelijke goederen.
/ˈkʌm.pə.ni/
(noun) bedrijf, onderneming, gezelschap
Voorbeeld:
She works for a large software company.
Ze werkt voor een groot softwarebedrijf.
/tekˈnɪʃ.ən/
(noun) technicus
Voorbeeld:
She is a skilled lab technician.
Zij is een bekwame laboratoriumtechnicus.
/ˈfæk.tɚ.i/
(noun) fabriek
Voorbeeld:
The new car factory will create many jobs.
De nieuwe autofabriek zal veel banen creëren.
/ˈkwɑː.lə.ti kənˈtroʊl/
(noun) kwaliteitscontrole
Voorbeeld:
The company implemented strict quality control measures to ensure product excellence.
Het bedrijf implementeerde strenge kwaliteitscontrolemaatregelen om productuitmuntendheid te garanderen.
/ˈstæn.dɚd/
(noun) standaard, niveau, vaandel;
(adjective) standaard, normaal
Voorbeeld:
The hotel maintains a high standard of service.
Het hotel handhaaft een hoge standaard van service.