Vocabulaireverzameling Bijwoorden van tijd in IELTS Academische Woordenschat (Band 5): Volledige en gedetailleerde lijst
De vocabulaireverzameling 'Bijwoorden van tijd' in 'IELTS Academische Woordenschat (Band 5)' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland
Nu leren(adverb) vandaag, vandaag de dag, tegenwoordig;
(noun) vandaag, vandaag de dag, het heden
Voorbeeld:
(adverb) gisteren;
(noun) gisteren
Voorbeeld:
(adverb) kort, even, bondig
Voorbeeld:
(adverb) binnenkort, spoedig, kortaf
Voorbeeld:
(adverb) voor altijd, eeuwig, heel lang
Voorbeeld:
(adverb) onmiddellijk, direct, meteen
Voorbeeld:
(adverb) uiteindelijk, tenslotte
Voorbeeld:
(adverb) nu, op dit moment, zojuist;
(interjection) nu, onmiddellijk;
(noun) nu, het heden;
(conjunction) nu, aangezien
Voorbeeld:
(adverb) toen, destijds, daarna;
(conjunction) dan, dus;
(adjective) toenmalig, destijds
Voorbeeld:
(adverb) later, daarna;
(adjective) later, volgend
Voorbeeld:
(adverb) spoedig, binnenkort, eerder
Voorbeeld:
(adverb) eindelijk, uiteindelijk, tenslotte
Voorbeeld:
(adverb) al, reeds, nu al
Voorbeeld:
(adverb) onlangs, recentelijk
Voorbeeld:
(adverb) weer, nogmaals, terug
Voorbeeld:
(adverb) nog, al, toch;
(conjunction) toch, maar
Voorbeeld:
(adverb) nog steeds, nog, toch;
(adjective) stil, onbeweeglijk;
(noun) stilstaand beeld, foto;
(verb) kalmeren, tot rust brengen
Voorbeeld:
(adjective) volgende, hierna, naast;
(adverb) vervolgens, daarna
Voorbeeld: