Vocabulaireverzameling Eenheid 12: Bij het meer in Groep 1: Volledige en gedetailleerde lijst
De vocabulaireverzameling 'Eenheid 12: Bij het meer' in 'Groep 1' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland
Nu leren /liːf/
(noun) blad, pagina;
(idiom) een nieuw blad omslaan, een nieuwe start maken;
(verb) bladeren, doorbladeren
Voorbeeld:
The tree shed its leaves in autumn.
De boom verloor zijn bladeren in de herfst.
/ˈlem.ən/
(noun) citroen, mislukking, waardeloos product;
(adjective) citroengeel
Voorbeeld:
She squeezed a lemon into her tea.
Ze kneep een citroen in haar thee.
/hɪl/
(noun) heuvel, helling, stijging;
(verb) ophopen, heuvelen
Voorbeeld:
We climbed the hill to get a better view.
We beklommen de heuvel om een beter uitzicht te krijgen.
/ˈpɪk.nɪk/
(noun) picknick;
(verb) picknicken
Voorbeeld:
We're planning a picnic by the lake this weekend.
We plannen dit weekend een picknick aan het meer.
/skaɪ/
(noun) lucht, hemel
Voorbeeld:
The birds flew high in the sky.
De vogels vlogen hoog in de lucht.
/ɡraʊnd/
(noun) grond, aarde, veld;
(verb) aan de grond houden, vliegverbod opleggen, binnen houden;
(adjective) nuchter, realistisch, geaard
Voorbeeld:
He fell to the ground.
Hij viel op de grond.