Betekenis van het woord predicate in het Nederlands
Wat betekent predicate in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland
predicate
US /ˈpred.ə.kət/
UK /ˈpred.ɪ.kət/
Zelfstandig Naamwoord
predicaat, gezegde
the part of a sentence or clause containing a verb and stating something about the subject
Voorbeeld:
•
In the sentence "The dog barked loudly," "barked loudly" is the predicate.
In de zin "De hond blafte luid," is "blafte luid" het predicaat.
•
Every complete sentence must have a subject and a predicate.
Elke volledige zin moet een onderwerp en een predicaat hebben.
Werkwoord
prediceren, beweren, baseren op
state, affirm, or assert (something) about the subject of a sentence or an argument
Voorbeeld:
•
The theory predicates that all matter is composed of atoms.
De theorie prediceert dat alle materie uit atomen bestaat.
•
His argument was predicated on a false assumption.
Zijn argument was gebaseerd op een valse aanname.
Gerelateerd Woord: