Betekenis van het woord improvising in het Nederlands

Wat betekent improvising in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

improvising

US /ɪmˈprɑː.vaɪ.zɪŋ/
UK /ˈɪm.prə.vaɪ.zɪŋ/

Werkwoord

1.

improviseren, uit de mouw schudden

to make or do something using whatever is available, often without prior planning

Voorbeeld:
We had to start improvising when the original plan fell through.
We moesten beginnen met improviseren toen het oorspronkelijke plan mislukte.
The chef was improvising with the ingredients he had on hand.
De chef-kok was aan het improviseren met de ingrediënten die hij bij de hand had.
2.

improviseren, onvoorbereid optreden

to perform without preparation, especially in music or drama

Voorbeeld:
The jazz musician was known for his ability to improvise complex solos.
De jazzmuzikant stond bekend om zijn vermogen om complexe solo's te improviseren.
The actors had to improvise a scene when a prop broke.
De acteurs moesten een scène improviseren toen een rekwisiet brak.