Betekenis van het woord cert in het Nederlands
Wat betekent cert in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland
cert
US /sɝːt/
UK /sɜːt/
Zelfstandig Naamwoord
certificaat, bewijs
a certificate, especially one attesting to a qualification or standard
Voorbeeld:
•
He finally got his driving cert after many attempts.
Hij kreeg eindelijk zijn rijbewijs certificaat na vele pogingen.
•
Do you have a cert for that electrical work?
Heb je een certificaat voor dat elektrische werk?
Synoniem: