Avatar of Vocabulary Set Tandheelkunde

Vocabulaireverzameling Tandheelkunde in Medische Wetenschap: Volledige en gedetailleerde lijst

De vocabulaireverzameling 'Tandheelkunde' in 'Medische Wetenschap' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...

Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland

Nu leren

bridge

/brɪdʒ/

(noun) brug, neusbrug, verbinding;

(verb) overbruggen, verkleinen

Voorbeeld:

The old stone bridge crosses the river.
De oude stenen brug overspant de rivier.

cap

/kæp/

(noun) pet, muts, dop;

(verb) dichten, afsluiten, maximeren

Voorbeeld:

He wore a baseball cap to the game.
Hij droeg een baseballpet naar de wedstrijd.

amalgam

/əˈmæl.ɡəm/

(noun) mengsel, amalgama, amalgaam

Voorbeeld:

The band's music is an amalgam of jazz, funk, and rock.
De muziek van de band is een mengeling van jazz, funk en rock.

brace

/breɪs/

(noun) beugel, steun, paar;

(verb) zich schrap zetten, voorbereiden, vastzetten

Voorbeeld:

The carpenter used a brace to support the weak beam.
De timmerman gebruikte een beugel om de zwakke balk te ondersteunen.

caries

/ˈker.iːz/

(noun) cariës, tandbederf

Voorbeeld:

Dental caries is a common problem, especially among children.
Tandbederf (cariës) is een veelvoorkomend probleem, vooral bij kinderen.

cavity

/ˈkæv.ə.t̬i/

(noun) holte, ruimte, gaatje

Voorbeeld:

The surgeon examined the abdominal cavity.
De chirurg onderzocht de buikholte.

crown

/kraʊn/

(noun) kroon, Kroon, monarchie;

(verb) kronen, bekronen, toppen

Voorbeeld:

The queen wore a magnificent crown during the ceremony.
De koningin droeg een prachtige kroon tijdens de ceremonie.

fill

/fɪl/

(verb) vullen, opvullen, invullen;

(noun) vulling, hoeveelheid

Voorbeeld:

Please fill the bottle with water.
Gelieve de fles met water te vullen.

filling

/ˈfɪl.ɪŋ/

(noun) vulling, plombe;

(adjective) vullend, verzadigend

Voorbeeld:

The pillow needs more filling to be comfortable.
Het kussen heeft meer vulling nodig om comfortabel te zijn.

plaque

/plæk/

(noun) plaquette, gedenkplaat, tandplak

Voorbeeld:

The war hero was honored with a bronze plaque.
De oorlogsheld werd geëerd met een bronzen plaquette.

plate

/pleɪt/

(noun) bord, plaat;

(verb) plateren, bekleden

Voorbeeld:

Please put your empty plate in the sink.
Leg je lege bord in de gootsteen, alsjeblieft.

retainer

/rɪˈteɪ.nɚ/

(noun) voorschot, honorarium, houder

Voorbeeld:

The company paid a large retainer to the law firm.
Het bedrijf betaalde een grote voorschot aan het advocatenkantoor.

tartar

/ˈtɑːr.t̬ɚ/

(noun) tandsteen, feeks, kreng

Voorbeeld:

Regular brushing helps prevent the buildup of tartar.
Regelmatig poetsen helpt de opbouw van tandsteen voorkomen.

elevator

/ˈel.ə.veɪ.t̬ɚ/

(noun) lift

Voorbeeld:

Take the elevator to the tenth floor.
Neem de lift naar de tiende verdieping.
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland