Vocabulaireverzameling 900 punten in Dag 26 - Rekeningbalans en kinderlijke piëteit: Volledige en gedetailleerde lijst
De vocabulaireverzameling '900 punten' in 'Dag 26 - Rekeningbalans en kinderlijke piëteit' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland
Nu leren(phrasal verb) opgehouden worden, vertraagd zijn
Voorbeeld:
(noun) crash, botsing, klap;
(verb) crashen, botsen, klappen;
(adjective) crash-, spoed-;
(adverb) met een klap, met een dreun
Voorbeeld:
(phrase) geld opnemen, een opname doen
Voorbeeld:
(phrase) in bruikleen, geleend
Voorbeeld:
(adjective) overtrokken, rood staan, overdreven
Voorbeeld:
(idiom) een lening afsluiten, een lening aangaan
Voorbeeld:
(idiom) een verzekering afsluiten voor
Voorbeeld:
(verb) opbouwen, toevallen
Voorbeeld:
(adjective) geloofwaardig, aannemelijk, betrouwbaar
Voorbeeld:
(noun) beperking, beteugeling, rem;
(verb) beteugelen, beperken, inperken
Voorbeeld:
(noun) verlossing, redding, terugkoop
Voorbeeld:
(verb) overmaken, voldoen, kwijtschelden;
(noun) bevoegdheid, mandaat
Voorbeeld:
(adjective) vastgezet, bevestigd, beveiligd;
(verb) verkrijgen, beveiligen
Voorbeeld:
(adverb) te laat, verlaat, rijkelijk laat
Voorbeeld:
(verb) stuiteren, terugkaatsen, springen;
(noun) stuiter, terugkaatsing, opleving
Voorbeeld:
(noun) cluster, groep, tros;
(verb) clusteren, groeperen, samenkomen
Voorbeeld:
(noun) onderpand, zekerheid, nevenschade;
(adjective) neven-, bijkomend
Voorbeeld:
(verb) in beslag nemen, confisqueren
Voorbeeld:
(noun) kanshebber, uitdager, mededinger
Voorbeeld:
(noun) namaak, vals;
(adjective) vals, nagemaakt;
(verb) vervalsen, namaken
Voorbeeld:
(phrase) geld op iemands rekening bijschrijven
Voorbeeld:
(noun) stortingsbewijs, stortingsformulier
Voorbeeld:
(noun) afschrikmiddel, afschrikking;
(adjective) afschrikkend, ontmoedigend
Voorbeeld:
(noun) automatische overschrijving, directe storting
Voorbeeld:
(phrase) een cheque uitschrijven
Voorbeeld:
(noun) veertien dagen, twee weken
Voorbeeld:
(phrase) op stand-by, in gereedheid
Voorbeeld:
(adjective) vals, onecht, spurious
Voorbeeld:
(noun) trustkantoor, trustmaatschappij
Voorbeeld:
(noun) curator, beheerder
Voorbeeld:
(phrase) geld overmaken naar, telegraferen naar
Voorbeeld:
(noun) bankoverschrijving, telegrafische overboeking;
(verb) overschrijven, overmaken
Voorbeeld: