Avatar of Vocabulary Set Eenheid 14: In de speelgoedwinkel

Vocabulaireverzameling Eenheid 14: In de speelgoedwinkel in Groep 1: Volledige en gedetailleerde lijst

De vocabulaireverzameling 'Eenheid 14: In de speelgoedwinkel' in 'Groep 1' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...

Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland

Nu leren

teddy bear

/ˈted.i ˌber/

(noun) teddybeer, knuffelbeer

Voorbeeld:

She hugged her favorite teddy bear tightly.
Ze knuffelde haar favoriete teddybeer stevig.

tiger

/ˈtaɪ.ɡɚ/

(noun) tijger, felle persoon, formidabele persoon

Voorbeeld:

The tiger stalked its prey silently through the tall grass.
De tijger besloop zijn prooi geruisloos door het hoge gras.

top

/tɑːp/

(noun) top, bovenkant, bovenstuk;

(adjective) bovenste, hoogste, top;

(verb) toppen, overtreffen, afdekken;

(adverb) boven, bovenop

Voorbeeld:

He reached the top of the mountain.
Hij bereikte de top van de berg.

turtle

/ˈtɝː.t̬əl/

(noun) schildpad;

(verb) kapseizen, omkiepen

Voorbeeld:

The sea turtle swam gracefully through the coral reef.
De zeeschildpad zwom gracieus door het koraalrif.

robot

/ˈroʊ.bɑːt/

(noun) robot, mechanisch persoon

Voorbeeld:

The factory uses robots to assemble cars.
De fabriek gebruikt robots om auto's te assembleren.

shelf

/ʃelf/

(noun) plank, schap, richel

Voorbeeld:

She placed the book on the top shelf.
Ze legde het boek op de bovenste plank.

see

/siː/

(verb) zien, waarnemen, begrijpen;

(noun) bisdom, zetel;

(exclamation) zie, begrijp

Voorbeeld:

Can you see the mountains from here?
Kun je de bergen van hier zien?
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland