Vocabulaireverzameling Architectuur in Niveau C2: Volledige en gedetailleerde lijst
De vocabulaireverzameling 'Architectuur' in 'Niveau C2' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland
Nu leren(noun) portico, zuilengang
Voorbeeld:
(noun) balustrade, leuning
Voorbeeld:
(noun) schoorsteenmantel, mantel
Voorbeeld:
(noun) eclecticisme
Voorbeeld:
(noun) atrium, binnenplaats, lichthof
Voorbeeld:
(noun) kluis, gewelf;
(verb) springen, overspringen
Voorbeeld:
(noun) façade, voorgevel, schijn
Voorbeeld:
(noun) geveltop, puntgevel
Voorbeeld:
(noun) mezzanine, tussenverdieping
Voorbeeld:
(noun) borstwering, parapet
Voorbeeld:
(noun) pergola, prieel
Voorbeeld:
(noun) vestibule, voorportaal, hal
Voorbeeld:
(noun) veranda, galerij
Voorbeeld:
(noun) nis, uitsparing
Voorbeeld:
(noun) hoekje, nis, schuilplaats
Voorbeeld:
(noun) trommelvlies, tympanon
Voorbeeld:
(noun) fronton, timpaan
Voorbeeld:
(noun) niche, geschikte plaats, nis;
(adjective) niche, gespecialiseerd
Voorbeeld:
(noun) sluitsteen, kern
Voorbeeld:
(noun) entablement, hoofdgestel
Voorbeeld:
(noun) waterspuwer, lelijk persoon, monster
Voorbeeld:
(noun) telraam, abacus
Voorbeeld:
(noun) loggia
Voorbeeld:
(noun) steunbeer, luchtboog;
(verb) versterken, ondersteunen
Voorbeeld: