Betekenis van het woord smoker in het Nederlands
Wat betekent smoker in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland
smoker
US /ˈsmoʊ.kɚ/
UK /ˈsməʊ.kər/
Zelfstandig Naamwoord
1.
roker
a person who smokes tobacco regularly
Voorbeeld:
•
He's been a heavy smoker for over 20 years.
Hij is al meer dan 20 jaar een zware roker.
•
The restaurant has a designated area for smokers.
Het restaurant heeft een aangewezen ruimte voor rokers.
2.
rookoven, smoker
an apparatus for smoking food
Voorbeeld:
•
We bought a new barbecue smoker for the backyard.
We hebben een nieuwe barbecue rookoven gekocht voor de achtertuin.
•
The chef prepared smoked salmon in a commercial smoker.
De chef bereidde gerookte zalm in een commerciële rookoven.