Betekenis van het woord pooch in het Nederlands
Wat betekent pooch in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland
pooch
US /puːtʃ/
UK /puːtʃ/
Zelfstandig Naamwoord
hond, hondje
a dog
Voorbeeld:
•
My neighbor's pooch barks all night.
De hond van mijn buurman blaft de hele nacht.
•
She loves taking her little pooch for walks in the park.
Ze houdt ervan om haar kleine hondje uit te laten in het park.