Betekenis van het woord housework in het Nederlands
Wat betekent housework in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland
housework
US /ˈhaʊs.wɝːk/
UK /ˈhaʊs.wɜːk/
Zelfstandig Naamwoord
huishoudelijk werk, huishouden
the regular work of keeping a house clean and tidy
Voorbeeld:
•
She spends her weekends doing housework.
Ze besteedt haar weekenden aan huishoudelijk werk.
•
He helps with the housework every day.
Hij helpt elke dag met het huishoudelijk werk.
Synoniem:
Gerelateerd Woord: