Betekenis van het woord fright in het Nederlands

Wat betekent fright in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

fright

US /fraɪt/
UK /fraɪt/
"fright" picture

Zelfstandig Naamwoord

schrik, angst

a sudden intense feeling of fear

Voorbeeld:
The loud noise gave me a terrible fright.
Het harde geluid bezorgde me een vreselijke schrik.
She recovered from her fright after a few minutes.
Ze herstelde na een paar minuten van haar schrik.

Werkwoord

afschrikken, beangstigen

to frighten (archaic or dialectal)

Voorbeeld:
The sudden movement frighted the birds away.
De plotselinge beweging schrikte de vogels af.
Nothing could fright him from his purpose.
Niets kon hem van zijn doel afschrikken.