Betekenis van het woord fright in het Nederlands

Wat betekent fright in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

fright

US /fraɪt/
UK /fraɪt/
"fright" picture

Zelfstandig Naamwoord

1.

schrik, angst

a sudden intense feeling of fear

Voorbeeld:
The loud noise gave me a terrible fright.
Het harde geluid bezorgde me een vreselijke schrik.
She recovered from her fright after a few minutes.
Ze herstelde na een paar minuten van haar schrik.

Werkwoord

1.

afschrikken, beangstigen

to frighten (archaic or dialectal)

Voorbeeld:
The sudden movement frighted the birds away.
De plotselinge beweging schrikte de vogels af.
Nothing could fright him from his purpose.
Niets kon hem van zijn doel afschrikken.
Leer dit woord op Lingoland