Betekenis van het woord fib in het Nederlands

Wat betekent fib in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

fib

US /fɪb/
UK /fɪb/

Zelfstandig Naamwoord

leugen, verzinsel

a trivial lie, especially one told to avoid hurting someone's feelings or to avoid trouble

Voorbeeld:
He told a little fib about where he was last night.
Hij vertelde een kleine leugen over waar hij gisteravond was.
It was just a white fib to make her feel better.
Het was slechts een witte leugen om haar zich beter te laten voelen.

Werkwoord

liegen, verzinnen

to tell a trivial lie

Voorbeeld:
He tried to fib his way out of trouble.
Hij probeerde zich uit de problemen te liegen.
Don't fib to me; I know the truth.
Lieg niet tegen me; ik ken de waarheid.