Betekenis van het woord discomfort in het Nederlands
Wat betekent discomfort in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland
discomfort
US /dɪˈskʌm.fɚt/
UK /dɪˈskʌm.fɚt/

Zelfstandig Naamwoord
1.
ongemak, hinder, pijn
a feeling of slight pain or unease
Voorbeeld:
•
She felt a slight discomfort in her knee after the long walk.
Ze voelde een lichte ongemak in haar knie na de lange wandeling.
•
The tight shoes caused her considerable discomfort.
De strakke schoenen veroorzaakten haar aanzienlijk ongemak.
2.
ongemak, schaamte, verlegenheid
embarrassment or unease
Voorbeeld:
•
He felt a great deal of discomfort when asked to speak in front of the large audience.
Hij voelde veel ongemak toen hem werd gevraagd voor het grote publiek te spreken.
•
There was a palpable sense of discomfort in the room after the awkward silence.
Er hing een tastbaar gevoel van ongemak in de kamer na de ongemakkelijke stilte.
Werkwoord
1.
ongemak veroorzaken, hinderen, verlegen maken
to cause slight pain or unease to
Voorbeeld:
•
The rough fabric discomforted her skin.
De ruwe stof veroorzaakte ongemak op haar huid.
•
The unexpected question seemed to discomfort him.
De onverwachte vraag leek hem te ongemakkelijk te maken.
Leer dit woord op Lingoland