Betekenis van het woord babysitting in het Nederlands

Wat betekent babysitting in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

babysitting

US /ˈbeɪ.biˌsɪt̬.ɪŋ/
UK /ˈbeɪ.biˌsɪt.ɪŋ/
"babysitting" picture

Zelfstandig Naamwoord

oppassen, babysitten

the activity of looking after a child or children while their parents are out

Voorbeeld:
She earns extra money by babysitting for her neighbors.
Ze verdient extra geld met oppassen voor haar buren.
My first job was babysitting.
Mijn eerste baan was oppassen.

Werkwoord

oppassend, babysittend

present participle of babysit

Voorbeeld:
She is currently babysitting her niece.
Ze is momenteel haar nichtje aan het oppassen.
He spent the evening babysitting for his friends.
Hij bracht de avond door met oppassen voor zijn vrienden.