Betekenis van het woord ass in het Nederlands
Wat betekent ass in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland
ass
US /æs/
UK /æs/
Zelfstandig Naamwoord
1.
ezel
a donkey
Voorbeeld:
•
The farmer used an ass to carry the heavy load.
De boer gebruikte een ezel om de zware lading te dragen.
•
He was as stubborn as an ass.
Hij was zo koppig als een ezel.
2.
kont, achterwerk
(vulgar slang) a person's buttocks
Voorbeeld:
•
He fell on his ass.
Hij viel op zijn kont.
•
Get your ass over here!
Kom met je kont hierheen!
3.
lul, idioot
(vulgar slang) a foolish or contemptible person
Voorbeeld:
•
Don't be such an ass!
Wees niet zo'n lul!
•
He made an ass of himself at the party.
Hij maakte een lul van zichzelf op het feest.
Gerelateerd Woord: