Avatar of Vocabulary Set Onderdelen van een Camera

Vocabulaireverzameling Onderdelen van een Camera in Kunst en handwerk: Volledige en gedetailleerde lijst

De vocabulaireverzameling 'Onderdelen van een Camera' in 'Kunst en handwerk' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...

Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland

Nu leren

shutter

/ˈʃʌt̬.ɚ/

(noun) sluiter, luik;

(verb) sluiten, stopzetten

Voorbeeld:

The photographer adjusted the camera's shutter speed.
De fotograaf paste de sluitersnelheid van de camera aan.

viewfinder

/ˈvjuːˌfaɪn.dɚ/

(noun) zoeker

Voorbeeld:

She looked through the viewfinder to compose her shot.
Ze keek door de zoeker om haar opname te kaderen.

telephoto lens

/ˈtel.ə.foʊ.toʊ ˌlenz/

(noun) telelens

Voorbeeld:

He attached a telephoto lens to his camera to capture the distant wildlife.
Hij bevestigde een telelens aan zijn camera om de verre wilde dieren vast te leggen.

wide-angle lens

/ˌwaɪd ˈæŋ.ɡəl ˌlenz/

(noun) groothoeklens

Voorbeeld:

He attached a wide-angle lens to capture the entire landscape.
Hij bevestigde een groothoeklens om het hele landschap vast te leggen.

zoom lens

/ˈzuːm lenz/

(noun) zoomlens

Voorbeeld:

He attached a zoom lens to his camera to capture the distant wildlife.
Hij bevestigde een zoomlens aan zijn camera om de verre wilde dieren vast te leggen.

filter

/ˈfɪl.tɚ/

(noun) filter;

(verb) filteren, uitfilteren

Voorbeeld:

The coffee machine has a built-in filter.
De koffiemachine heeft een ingebouwd filter.

tripod

/ˈtraɪ.pɑːd/

(noun) statief

Voorbeeld:

He set up his camera on a tripod to get a steady shot.
Hij zette zijn camera op een statief om een stabiele opname te maken.

film

/fɪlm/

(noun) film, laagje;

(verb) filmen, opnemen

Voorbeeld:

We watched a horror film last night.
We hebben gisteravond een horrorfilm gekeken.

negative

/ˈneɡ.ə.t̬ɪv/

(adjective) negatief, ontkennend, schadelijk;

(noun) negatief, ontkenning

Voorbeeld:

She gave a negative answer to the proposal.
Ze gaf een negatief antwoord op het voorstel.

light meter

/ˈlaɪt ˌmiː.t̬ɚ/

(noun) lichtmeter, belichtingsmeter

Voorbeeld:

The photographer used a light meter to get the perfect exposure.
De fotograaf gebruikte een lichtmeter om de perfecte belichting te krijgen.

lens

/lenz/

(noun) lens, objectief, ooglens;

(verb) van lenzen voorzien, uitrusten met een lens

Voorbeeld:

The camera has a high-quality lens.
De camera heeft een hoogwaardige lens.

flash

/flæʃ/

(noun) flits, bliksem, opwelling;

(verb) flitsen, schijnen, tonen;

(adjective) flitsend, plotseling

Voorbeeld:

The lightning was just a quick flash in the sky.
De bliksem was slechts een snelle flits aan de hemel.
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland