Avatar of Vocabulary Set Verschijning

Vocabulaireverzameling Verschijning in IELTS Academische Woordenschat (Band 5): Volledige en gedetailleerde lijst

De vocabulaireverzameling 'Verschijning' in 'IELTS Academische Woordenschat (Band 5)' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...

Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland

Nu leren

beautiful

/ˈbjuː.t̬ə.fəl/

(adjective) mooi, prachtig

Voorbeeld:

She wore a beautiful dress to the party.
Ze droeg een prachtige jurk naar het feest.

attractive

/əˈtræk.tɪv/

(adjective) aantrekkelijk, charmant

Voorbeeld:

She wore a very attractive dress to the party.
Ze droeg een zeer aantrekkelijke jurk naar het feest.

good-looking

/ˌɡʊdˈlʊkɪŋ/

(adjective) knap, aantrekkelijk

Voorbeeld:

He's a very good-looking man.
Hij is een erg knappe man.

cute

/kjuːt/

(adjective) schattig, lief, aantrekkelijk

Voorbeeld:

The puppy was so cute with its big eyes.
De puppy was zo schattig met zijn grote ogen.

gorgeous

/ˈɡɔːr.dʒəs/

(adjective) prachtig, schitterend, magnifiek

Voorbeeld:

She looked gorgeous in her wedding dress.
Ze zag er prachtig uit in haar trouwjurk.

lovely

/ˈlʌv.li/

(adjective) prachtig, mooi, heerlijk

Voorbeeld:

She wore a lovely dress to the party.
Ze droeg een prachtige jurk naar het feest.

handsome

/ˈhæn.səm/

(adjective) knap, aantrekkelijk, statig

Voorbeeld:

He's a very handsome man with a charming smile.
Hij is een zeer knappe man met een charmante glimlach.

pretty

/ˈprɪt̬.i/

(adjective) mooi, knap;

(adverb) redelijk, tamelijk

Voorbeeld:

She wore a pretty dress to the party.
Ze droeg een mooie jurk naar het feest.

ugly

/ˈʌɡ.li/

(adjective) lelijk, onaangenaam

Voorbeeld:

She thought the painting was really ugly.
Ze vond het schilderij echt lelijk.

unattractive

/ˌʌn.əˈtræk.tɪv/

(adjective) onaantrekkelijk, lelijk

Voorbeeld:

The old building was quite unattractive.
Het oude gebouw was behoorlijk onaantrekkelijk.

unpleasing

/ˌʌnˈpliː.zɪŋ/

(adjective) onaangenaam, onplezierig

Voorbeeld:

The harsh lighting made the room look quite unpleasing.
De felle verlichting zorgde ervoor dat de kamer er nogal onaangenaam uitzag.

unlovely

/ʌnˈlʌv.li/

(adjective) onaantrekkelijk, onlieftallig, onaangenaam

Voorbeeld:

The old, abandoned house was an unlovely sight.
Het oude, verlaten huis was een onaantrekkelijk gezicht.

unpretty

/ʌnˈprɪt̬.i/

(adjective) lelijk, onaantrekkelijk, onaangenaam

Voorbeeld:

The industrial area was gray and unpretty.
Het industriegebied was grijs en lelijk.
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland