Vocabulaireverzameling Eenheid 11: Hoe laat is het? in Groep 4: Volledige en gedetailleerde lijst
De vocabulaireverzameling 'Eenheid 11: Hoe laat is het?' in 'Groep 4' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland
Nu leren(noun) middag
Voorbeeld:
(abbreviation) a.m., 's ochtends, voor de middag
Voorbeeld:
(noun) ontbijt;
(verb) ontbijten
Voorbeeld:
(verb) koken, bereiden;
(noun) kok, chef-kok
Voorbeeld:
(noun) diner, avondeten
Voorbeeld:
(noun) avond
Voorbeeld:
(phrasal verb) opstaan, opzetten, regelen
Voorbeeld:
(verb) gaan, werken, functioneren;
(noun) poging, beurt;
(adjective) klaar, gereed;
(exclamation) gaan, kom op
Voorbeeld:
(phrase) naar bed gaan, slapen
Voorbeeld:
(phrase) naar school gaan, studeren
Voorbeeld:
(verb) ontbijten
Voorbeeld:
(verb) lunchen, middageten
Voorbeeld:
(verb) avondeten, dineren
Voorbeeld:
(adjective) laat, te laat, eind-;
(adverb) laat, te laat, tot laat
Voorbeeld:
(noun) lunch, middagmaaltijd;
(verb) lunchen
Voorbeeld:
(noun) ochtend, morgen;
(exclamation) goedemorgen
Voorbeeld:
(noun) middag, twaalf uur 's middags
Voorbeeld:
(abbreviation) 's middags, 's avonds
Voorbeeld:
(noun) start, begin;
(verb) beginnen, starten, opzetten
Voorbeeld: