Avatar of Vocabulary Set C1 - Kantoorartikelen en benodigdheden

Vocabulaireverzameling C1 - Kantoorartikelen en benodigdheden in Niveau C1: Volledige en gedetailleerde lijst

De vocabulaireverzameling 'C1 - Kantoorartikelen en benodigdheden' in 'Niveau C1' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...

Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland

Nu leren

stationery

/ˈsteɪ.ʃə.ner.i/

(noun) briefpapier, schrijfwaren

Voorbeeld:

I need to buy some new stationery for the office.
Ik moet nieuw briefpapier kopen voor op kantoor.

ring binder

/ˈrɪŋ ˌbaɪn.dər/

(noun) ringband, ringmap

Voorbeeld:

Please put all the handouts into the ring binder.
Stop alle hand-outs in de ringband.

folder

/ˈfoʊl.dɚ/

(noun) map, ordner, directory

Voorbeeld:

Please put all the documents in the blue folder.
Leg alle documenten alstublieft in de blauwe map.

paper clip

/ˈpeɪ.pər ˌklɪp/

(noun) paperclip

Voorbeeld:

Please use a paper clip to attach the receipt to the invoice.
Gebruik alstublieft een paperclip om de bon aan de factuur te bevestigen.

alligator clip

/ˈæl.ɪ.ɡeɪ.tər klɪp/

(noun) krokodillenklem

Voorbeeld:

He used an alligator clip to connect the battery to the circuit.
Hij gebruikte een krokodillenklem om de batterij op het circuit aan te sluiten.

post-it

/ˈpoʊst.ɪt/

(trademark) Post-it, plakbriefje

Voorbeeld:

She left a Post-it note on the fridge.
Ze liet een Post-it briefje achter op de koelkast.

clipboard

/ˈklɪp.bɔːrd/

(noun) klembord

Voorbeeld:

The nurse carried a clipboard with patient charts.
De verpleegster droeg een klembord met patiëntendossiers.

fountain pen

/ˈfaʊn.tɪn ˌpen/

(noun) vulpen

Voorbeeld:

He signed the document with a classic fountain pen.
Hij ondertekende het document met een klassieke vulpen.

nib

/nɪb/

(noun) penpunt, snavel

Voorbeeld:

The calligrapher carefully selected a flexible nib for the intricate script.
De kalligraaf koos zorgvuldig een flexibele penpunt voor het ingewikkelde schrift.

ballpoint

/ˈbɑːl.pɔɪnt/

(noun) balpen

Voorbeeld:

Please sign the document with a ballpoint pen.
Gelieve het document te ondertekenen met een balpen.

biro

/ˈbaɪ.roʊ/

(noun) balpen

Voorbeeld:

Can I borrow your biro for a moment?
Mag ik even je balpen lenen?

lead

/liːd/

(noun) leiding, voorbeeld, voorsprong;

(verb) leiden, gidsen, aanvoeren

Voorbeeld:

She took the lead in organizing the event.
Zij nam de leiding bij het organiseren van het evenement.

Scotch tape

/ˌskɑːtʃ ˈteɪp/

(trademark) plakband, cellotape

Voorbeeld:

Can you hand me the Scotch tape to wrap this gift?
Kun je me de plakband aangeven om dit cadeau in te pakken?

highlighter

/ˈhaɪˌlaɪ.t̬ɚ/

(noun) marker, markeerstift, highlighter

Voorbeeld:

She used a yellow highlighter to mark the key points in her textbook.
Ze gebruikte een gele marker om de belangrijkste punten in haar leerboek te markeren.

felt-tip

/ˈfelt.tɪp/

(noun) viltstift, stift

Voorbeeld:

She used a red felt-tip to highlight the important points.
Ze gebruikte een rode viltstift om de belangrijke punten te markeren.

stapler

/ˈsteɪ.plɚ/

(noun) nietmachine

Voorbeeld:

Can I borrow your stapler to fasten these documents?
Mag ik je nietmachine lenen om deze documenten vast te maken?

pencil sharpener

/ˈpen.səl ˌʃɑːr.pən.ər/

(noun) puntenslijper

Voorbeeld:

I need a pencil sharpener to make my pencil usable again.
Ik heb een puntenslijper nodig om mijn potlood weer bruikbaar te maken.

Wite-out

/ˈwaɪt.aʊt/

(trademark) Wite-Out, correctievloeistof

Voorbeeld:

I made a typo and had to use Wite-Out to fix it.
Ik maakte een typefout en moest Wite-Out gebruiken om het te herstellen.

pushpin

/ˈpʊʃ.pɪn/

(noun) punaise, duimspijker;

(verb) punaisen, vastprikken

Voorbeeld:

She used a pushpin to attach the notice to the bulletin board.
Ze gebruikte een punaise om de mededeling aan het prikbord te bevestigen.

thumbtack

/ˈθʌm.tæk/

(noun) duimspijker, punaise;

(verb) vastprikken, vastzetten met een duimspijker

Voorbeeld:

She used a thumbtack to pin the notice to the bulletin board.
Ze gebruikte een duimspijker om de mededeling op het prikbord te spelden.

punch

/pʌntʃ/

(noun) stoot, klap, perforator;

(verb) slaan, stompen, ponsen

Voorbeeld:

He delivered a powerful punch to his opponent's jaw.
Hij gaf een krachtige stoot op de kaak van zijn tegenstander.

notepad

/ˈnoʊt.pæd/

(noun) kladblok, notitieblok, Kladblok

Voorbeeld:

She always carries a small notepad in her purse.
Ze draagt altijd een klein kladblok in haar tas.

rubber stamp

/ˈrʌb.ər ˌstæmp/

(noun) rubberen stempel, stempel, ja-knikker;

(verb) rubberen stempelen, blindelings goedkeuren

Voorbeeld:

He used a rubber stamp to mark the documents as 'confidential'.
Hij gebruikte een rubberen stempel om de documenten als 'vertrouwelijk' te markeren.

mechanical pencil

/məˌkæn.ɪ.kəl ˈpen.səl/

(noun) vulpotlood

Voorbeeld:

I prefer using a mechanical pencil for drawing because of its consistent line thickness.
Ik gebruik liever een vulpotlood om te tekenen vanwege de consistente lijndikte.

carbon paper

/ˈkɑːr.bən ˌpeɪ.pər/

(noun) carbonpapier

Voorbeeld:

She used carbon paper to make a duplicate of the invoice.
Ze gebruikte carbonpapier om een duplicaat van de factuur te maken.

card catalog

/ˈkɑːrd ˌkæt̬.əl.ɑːɡ/

(noun) kaartcatalogus

Voorbeeld:

Before computers, librarians used a card catalog to find books.
Vóór computers gebruikten bibliothecarissen een kaartcatalogus om boeken te vinden.

in-tray

/ˈɪn.treɪ/

(noun) inbak, ingangsbak

Voorbeeld:

I have a pile of papers in my in-tray.
Ik heb een stapel papieren in mijn inbak.

out-tray

/ˈaʊt.treɪ/

(noun) uitbak, uitgaande postbak

Voorbeeld:

Please put the completed forms in the out-tray.
Leg de ingevulde formulieren alstublieft in de uitbak.

file cabinet

/ˈfaɪl ˌkæb.ɪ.nət/

(noun) archiefkast

Voorbeeld:

She organized all the important papers in the file cabinet.
Ze organiseerde alle belangrijke papieren in de archiefkast.

wastebasket

/ˈweɪstˌbæs.kət/

(noun) prullenbak, papiermand

Voorbeeld:

He crumpled the paper and threw it into the wastebasket.
Hij verfrommelde het papier en gooide het in de prullenbak.

handy

/ˈhæn.di/

(adjective) handig, bruikbaar, dichtbij

Voorbeeld:

This small tool is very handy for quick repairs.
Dit kleine gereedschap is erg handig voor snelle reparaties.

functional

/ˈfʌŋk.ʃən.əl/

(adjective) functioneel, bruikbaar, werkend

Voorbeeld:

The new software has many functional improvements.
De nieuwe software heeft veel functionele verbeteringen.
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland