Avatar of Vocabulary Set Bijwoorden van graad

Vocabulaireverzameling Bijwoorden van graad in IELTS Academische Woordenschat (Band 5): Volledige en gedetailleerde lijst

De vocabulaireverzameling 'Bijwoorden van graad' in 'IELTS Academische Woordenschat (Band 5)' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...

Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland

Nu leren

quite

/kwaɪt/

(adverb) helemaal, volkomen, redelijk

Voorbeeld:

I'm quite sure I locked the door.
Ik ben er helemaal zeker van dat ik de deur op slot heb gedaan.

too

/tuː/

(adverb) te, ook, daarbij

Voorbeeld:

It's too hot to go outside.
Het is te warm om naar buiten te gaan.

enough

/əˈnʌf/

(determiner) genoeg, voldoende;

(adverb) genoeg, voldoende;

(pronoun) genoeg, voldoende

Voorbeeld:

Do we have enough food for everyone?
Hebben we genoeg eten voor iedereen?

almost

/ˈɑːl.moʊst/

(adverb) bijna, nagenoeg

Voorbeeld:

I'm almost done with my homework.
Ik ben bijna klaar met mijn huiswerk.

nearly

/ˈnɪr.li/

(adverb) bijna, nagenoeg, op een haar na

Voorbeeld:

It's nearly midnight.
Het is bijna middernacht.

absolutely

/ˌæb.səˈluːt.li/

(adverb) absoluut, volledig, zeker

Voorbeeld:

You are absolutely right.
Je hebt absoluut gelijk.

completely

/kəmˈpliːt.li/

(adverb) volledig, helemaal

Voorbeeld:

The house was completely destroyed by the fire.
Het huis werd volledig verwoest door de brand.

seriously

/ˈsɪr.i.əs.li/

(adverb) serieus, ernstig, aanzienlijk;

(interjection) serieus, echt

Voorbeeld:

Are you seriously considering that offer?
Overweeg je dat aanbod serieus?

truly

/ˈtruː.li/

(adverb) echt, waarlijk, werkelijk

Voorbeeld:

She truly believed in his innocence.
Ze geloofde echt in zijn onschuld.

hardly

/ˈhɑːrd.li/

(adverb) nauwelijks, amper, moeilijk

Voorbeeld:

She could hardly hear him over the noise.
Ze kon hem nauwelijks horen boven het lawaai.

rather

/ˈræð.ɚ/

(adverb) liever, eerder, nogal

Voorbeeld:

I'd rather stay home tonight.
Ik blijf liever vanavond thuis.

little

/ˈlɪt̬.əl/

(adjective) klein, weinig, jong;

(determiner) weinig, beetje;

(adverb) een beetje, weinig

Voorbeeld:

She has a little dog.
Ze heeft een klein hondje.

pretty

/ˈprɪt̬.i/

(adjective) mooi, knap;

(adverb) redelijk, tamelijk

Voorbeeld:

She wore a pretty dress to the party.
Ze droeg een mooie jurk naar het feest.

very

/ˈver.i/

(adverb) erg, zeer;

(adjective) precies, zelf

Voorbeeld:

She is very kind.
Ze is erg aardig.

altogether

/ˌɑːl.təˈɡeð.ɚ/

(adverb) helemaal, volledig, al met al

Voorbeeld:

I don't altogether agree with your assessment.
Ik ben het niet helemaal eens met jouw beoordeling.

deeply

/ˈdiːp.li/

(adverb) diep, grondig

Voorbeeld:

She was deeply moved by the story.
Ze was diep ontroerd door het verhaal.

much

/mʌtʃ/

(determiner) veel;

(pronoun) veel;

(adverb) veel, erg

Voorbeeld:

He doesn't earn much money.
Hij verdient niet veel geld.

somewhat

/ˈsʌm.wɑːt/

(adverb) enigszins, tamelijk

Voorbeeld:

I was somewhat surprised by his reaction.
Ik was enigszins verrast door zijn reactie.

so

/soʊ/

(adverb) zo, erg, inderdaad;

(conjunction) dus, daarom

Voorbeeld:

Why are you so sad?
Waarom ben je zo verdrietig?

totally

/ˈtoʊ.t̬əl.i/

(adverb) helemaal, volledig, absoluut

Voorbeeld:

I'm totally exhausted after that long flight.
Ik ben helemaal uitgeput na die lange vlucht.

entirely

/ɪnˈtaɪr.li/

(adverb) volledig, geheel, helemaal

Voorbeeld:

The house was entirely destroyed by the fire.
Het huis werd volledig verwoest door de brand.

fully

/ˈfʊl.i/

(adverb) volledig, helemaal, uitgebreid

Voorbeeld:

The room was fully decorated for the party.
De kamer was volledig versierd voor het feest.

perfectly

/ˈpɝː.fekt.li/

(adverb) perfect, volmaakt, volledig

Voorbeeld:

The plan worked perfectly.
Het plan werkte perfect.

highly

/ˈhaɪ.li/

(adverb) zeer, erg, hoog

Voorbeeld:

She is a highly respected scientist.
Ze is een zeer gerespecteerde wetenschapper.

terribly

/ˈter.ə.bli/

(adverb) verschrikkelijk, erg, slecht

Voorbeeld:

I'm terribly sorry for the inconvenience.
Het spijt me verschrikkelijk voor het ongemak.

awfully

/ˈɑː.fəl.i/

(adverb) vreselijk, ontzettend, afschuwelijk

Voorbeeld:

It's awfully cold outside.
Het is vreselijk koud buiten.

heavily

/ˈhev.əl.i/

(adverb) hevig, sterk, zwaar

Voorbeeld:

It was raining heavily all night.
Het regende de hele nacht hevig.

obviously

/ˈɑːb.vi.əs.li/

(adverb) uiteraard, duidelijk

Voorbeeld:

Obviously, we need to find a solution quickly.
Uiteraard moeten we snel een oplossing vinden.
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland