Vocabulaireverzameling Structuur in STRUCTUUR VAN DE WOORDENSCHAT- EN ILLUSTRATIETEST: Volledige en gedetailleerde lijst
De vocabulaireverzameling 'Structuur' in 'STRUCTUUR VAN DE WOORDENSCHAT- EN ILLUSTRATIETEST' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland
Nu leren(idiom) vrienden maken
Voorbeeld:
(phrasal verb) kletsen over, babbelen over
Voorbeeld:
(phrase) iets aan iemand laten zien, iets tonen aan iemand
Voorbeeld:
(phrase) contact opnemen met, in contact komen met, contact maken met
Voorbeeld:
(verb) verkiezen om, liever hebben
Voorbeeld:
(phrasal verb) weggooien, afdoen, vergooien
Voorbeeld:
(phrasal verb) binnenkomen, naar binnen gaan, in de mode komen
Voorbeeld:
(phrasal verb) toegeven, zwichten, bezwijken
Voorbeeld:
(phrasal verb) flauwvallen, bewustzijn verliezen, uitdelen
Voorbeeld:
(phrasal verb) uitstellen, opschorten, afstoten
Voorbeeld:
(preposition) in plaats van
Voorbeeld:
(phrase) vanwege, wegens
Voorbeeld:
(preposition) ongeacht, niettegenstaande
Voorbeeld:
(phrase) gezien, met het oog op
Voorbeeld:
(phrase) hoeveelheid van, bedrag van
Voorbeeld:
(phrasal verb) zich concentreren op, focussen op
Voorbeeld:
(phrasal verb) leiden tot, veroorzaken
Voorbeeld:
(phrasal verb) rekening houden met, mogelijk maken, incalculeren
Voorbeeld:
replace something by something
(phrase) iets vervangen door iets
Voorbeeld:
(phrase) op het gebied van, in de sector van
Voorbeeld:
(phrase) combinatie van
Voorbeeld:
(phrasal verb) omgaan met, interageren met
Voorbeeld:
(phrase) iemand toestaan iets te doen
Voorbeeld:
(phrasal verb) afhangen van, rekenen op
Voorbeeld:
force someone away from somewhere
(phrase) iemand ergens wegdrijven, iemand dwingen weg te gaan
Voorbeeld:
cause an impact on something/someone
(phrase) een impact hebben op, beïnvloeden
Voorbeeld:
(phrase) niet in staat zijn om iets te doen
Voorbeeld:
provide someone with something
(phrase) iemand voorzien van iets, verschaffen
Voorbeeld:
(phrase) gebrek aan, tekort aan
Voorbeeld:
(phrasal verb) verhuizen van, zich verplaatsen van
Voorbeeld: