Vocabulaireverzameling Eten en drinken in Algemene IELTS-woordenschat (band 8-9): Volledige en gedetailleerde lijst
De vocabulaireverzameling 'Eten en drinken' in 'Algemene IELTS-woordenschat (band 8-9)' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland
Nu leren /kwæf/
(verb) drinken, gulzig drinken;
(noun) slok, teug
Voorbeeld:
He quaffed a large mug of ale.
Hij dronk een grote mok bier.
/ɪmˈbaɪb/
(verb) opnemen, absorberen, drinken
Voorbeeld:
She imbibed the local culture during her travels.
Ze nam de lokale cultuur op tijdens haar reizen.
/tʃʌɡ/
(verb) snel drinken, achteroverslaan, puffen;
(noun) gepuff, getuf
Voorbeeld:
He chugged down the entire beer in one go.
Hij goot het hele bier in één keer naar binnen.
/pɑːrˈteɪk/
(verb) gebruiken, eten, drinken
Voorbeeld:
He was invited to partake of the feast.
Hij werd uitgenodigd om aan het feestmaal te deelnemen.
/tʌk ɪn/
(phrasal verb) lekker eten, smullen, instoppen
Voorbeeld:
The children were starving, so they really tucked in when dinner was served.
De kinderen hadden honger, dus ze aten lekker toen het avondeten werd geserveerd.
/wʊlf/
(noun) wolf, versierder;
(verb) schrokken, verslinden
Voorbeeld:
A pack of wolves howled at the moon.
Een roedel wolven huilde naar de maan.
/tʃɑːmp/
(verb) kauwen, happen;
(noun) hap, kauw
Voorbeeld:
The horse began to chomp on the hay.
Het paard begon luidruchtig op het hooi te kauwen.
/swɪɡ/
(noun) slok, teug;
(verb) slokken, gulzig drinken
Voorbeeld:
He took a big swig of water after his run.
Hij nam een grote slok water na zijn run.
/ɡɔːrdʒ/
(noun) kloof, ravijn;
(verb) volproppen, schrokken
Voorbeeld:
The river carved a deep gorge through the mountains.
De rivier sneed een diepe kloof door de bergen.
/læp ʌp/
(phrasal verb) opsnuiven, gulzig aannemen, oplappen
Voorbeeld:
The audience lapped up every word of his speech.
Het publiek snoof elk woord van zijn toespraak op.
/nɑːʃ/
(noun) eten, snack;
(verb) eten, snacken
Voorbeeld:
Let's grab some nosh before the movie.
Laten we wat eten pakken voor de film.
/krʌntʃ/
(noun) gekraak, knarsen, crisis;
(verb) kraken, knarsen, verwerken
Voorbeeld:
We heard the crunch of gravel under the tires.
We hoorden het gekraak van grind onder de banden.