Vocabulaireverzameling Werkwoorduitdrukkingen met "Go" in Belangrijke werkwoorduitdrukkingen: Volledige en gedetailleerde lijst
De vocabulaireverzameling 'Werkwoorduitdrukkingen met "Go"' in 'Belangrijke werkwoorduitdrukkingen' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland
Nu leren /ɡoʊ əˈlɔŋ wɪð/
(phrasal verb) meegaan met, instemmen met, meegaan
Voorbeeld:
I'm happy to go along with your plan.
Ik ben blij om mee te gaan met jouw plan.
/ɡoʊ əˈweɪ/
(phrasal verb) weggaan, verdwijnen, op vakantie gaan
Voorbeeld:
Please go away and leave me alone.
Ga alsjeblieft weg en laat me met rust.
/ɡoʊ baɪ/
(phrasal verb) voorbijgaan, verstrijken, bekendstaan als
Voorbeeld:
Time seems to go by so quickly when you're having fun.
De tijd lijkt zo snel voorbij te gaan als je plezier hebt.
/ɡoʊ daʊn wɪθ/
(phrasal verb) krijgen, oplopen
Voorbeeld:
He went down with the flu right before his exams.
Hij kreeg de griep vlak voor zijn examens.
/ɡoʊ fɔːr/
(phrasal verb) kiezen, selecteren, streven naar
Voorbeeld:
I think I'll go for the pasta tonight.
Ik denk dat ik vanavond voor de pasta ga.
/ɡoʊ ɔf/
(phrasal verb) afgaan, ontploffen, weggaan
Voorbeeld:
The bomb went off with a loud bang.
De bom ging af met een luide knal.
/ɡoʊ ˈoʊvər/
(phrasal verb) doornemen, nakijken, aanslaan
Voorbeeld:
Let's go over the details one more time.
Laten we de details nog een keer doornemen.
/ɡoʊ θruː/
(phrasal verb) doorstaan, meemaken, ondergaan
Voorbeeld:
She had to go through a lot of pain after the accident.
Ze moest veel pijn doorstaan na het ongeluk.
/ɡoʊ ˈʌp/
(phrasal verb) stijgen, omhooggaan, verrijzen
Voorbeeld:
The price of gas is expected to go up next month.
De gasprijs zal naar verwachting volgende maand stijgen.