Avatar of Vocabulary Set Styling, Braken of Ontdekken

Vocabulaireverzameling Styling, Braken of Ontdekken in Phrasal Verbs met 'Up': Volledige en gedetailleerde lijst

De vocabulaireverzameling 'Styling, Braken of Ontdekken' in 'Phrasal Verbs met 'Up'' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...

Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland

Nu leren

catch up with

/kætʃ ʌp wɪð/

(phrasal verb) bijwerken, bijhouden, bijpraten

Voorbeeld:

After being sick for a week, I need to catch up with my schoolwork.
Nadat ik een week ziek ben geweest, moet ik mijn schoolwerk bijwerken.

dig up

/dɪɡ ˈʌp/

(phrasal verb) opgraven, vinden, uitgraven

Voorbeeld:

The police are trying to dig up evidence.
De politie probeert bewijs op te graven.

doll up

/dɑːl ʌp/

(phrasal verb) opdoffen, uitdossen

Voorbeeld:

She decided to doll up for the party.
Ze besloot zich op te doffen voor het feest.

dress up

/ˌdres ˈʌp/

(phrasal verb) verkleden, opdoffen, opknappen

Voorbeeld:

The children love to dress up in their parents' old clothes.
De kinderen vinden het heerlijk om zich te verkleden in de oude kleren van hun ouders.

freshen up

/ˈfrɛʃən ʌp/

(phrasal verb) opfrissen, zich opfrissen, vernieuwen

Voorbeeld:

I need to go freshen up before the party.
Ik moet me even opfrissen voor het feest.

look up

/lʊk ˈʌp/

(phrasal verb) opzoeken, nazoeken, verbeteren

Voorbeeld:

I need to look up the meaning of this word in the dictionary.
Ik moet de betekenis van dit woord opzoeken in het woordenboek.

smarten up

/ˈsmɑːrtən ʌp/

(phrasal verb) opknappen, opfrissen, netter maken

Voorbeeld:

You need to smarten up for the interview.
Je moet je opknappen voor het interview.

spit up

/spɪt ʌp/

(phrasal verb) overgeven, spugen, ophoesten

Voorbeeld:

The baby spit up all over his new outfit.
De baby spuugde over zijn nieuwe outfit heen.

throw up

/θroʊ ʌp/

(phrasal verb) overgeven, braken, snel bouwen

Voorbeeld:

He felt so sick that he had to throw up.
Hij voelde zich zo ziek dat hij moest overgeven.
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland