Avatar of Vocabulary Set Verplaatsen, Begeleiden of Ervaren (Along)

Vocabulaireverzameling Verplaatsen, Begeleiden of Ervaren (Along) in Phrasal Verbs met 'Around', 'Over' & 'Along': Volledige en gedetailleerde lijst

De vocabulaireverzameling 'Verplaatsen, Begeleiden of Ervaren (Along)' in 'Phrasal Verbs met 'Around', 'Over' & 'Along'' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...

Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland

Nu leren

bowl along

/boʊl əˈlɔŋ/

(phrasal verb) snel voortbewegen, razen

Voorbeeld:

The car bowled along the highway.
De auto raasde over de snelweg.

bring along

/brɪŋ əˈlɔŋ/

(phrasal verb) meenemen, meebrengen

Voorbeeld:

Don't forget to bring along your umbrella.
Vergeet niet je paraplu mee te nemen.

come along

/kʌm əˈlɔŋ/

(phrasal verb) meegaan, meekomen, vorderen

Voorbeeld:

Why don't you come along with us to the park?
Waarom ga je niet mee met ons naar het park?

get along

/ɡet əˈlɔŋ/

(phrasal verb) opschieten, overeenkomen, vooruitgaan

Voorbeeld:

I really get along with my new colleagues.
Ik kan echt goed opschieten met mijn nieuwe collega's.

go along

/ɡoʊ əˈlɔŋ/

(phrasal verb) meegaan met, instemmen met, doorgaan

Voorbeeld:

I'll go along with your plan.
Ik zal met je plan meegaan.

invite along

/ɪnˈvaɪt əˈlɔŋ/

(phrasal verb) meevragen, uitnodigen om mee te gaan

Voorbeeld:

I'm going to the concert, do you want to invite along a friend?
Ik ga naar het concert, wil je een vriend meevragen?

move along

/muːv əˈlɔːŋ/

(phrasal verb) doorlopen, verdergaan

Voorbeeld:

Please move along, there's nothing to see here.
Gelieve door te lopen, er is hier niets te zien.

play along

/pleɪ əˈlɔŋ/

(phrasal verb) meespelen, doen alsof

Voorbeeld:

I didn't agree with their plan, but I decided to play along for now.
Ik was het niet eens met hun plan, maar ik besloot voorlopig mee te spelen.

run along

/rʌn əˈlɔŋ/

(phrasal verb) weggaan, ervandoor gaan

Voorbeeld:

Now, run along, children, it's time for bed.
Nu, ga maar, kinderen, het is bedtijd.

sing along

/sɪŋ əˈlɔŋ/

(phrasal verb) meezingen

Voorbeeld:

Everyone started to sing along when the chorus began.
Iedereen begon mee te zingen toen het refrein begon.

tag along

/tæɡ əˈlɔŋ/

(phrasal verb) meegaan, aansluiten

Voorbeeld:

Can I tag along with you to the park?
Kan ik met je meegaan naar het park?
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland