Avatar of Vocabulary Set Domotica

Vocabulaireverzameling Domotica in Huis en Tuin: Volledige en gedetailleerde lijst

De vocabulaireverzameling 'Domotica' in 'Huis en Tuin' is zorgvuldig geselecteerd uit standaard internationale lesboekbronnen, helpt je de vocabulaire in korte tijd onder de knie te krijgen. Volledige compilatie van definities, illustratieve voorbeelden en standaarduitspraak...

Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland

Nu leren

smoke alarm

/smoʊk əˈlɑːrm/

(noun) rookmelder, rookalarm

Voorbeeld:

The smoke alarm went off when I burned the toast.
Het rookalarm ging af toen ik de toast verbrandde.

smart TV

/smɑːrt ˌtiːˈviː/

(noun) smart-tv

Voorbeeld:

We just bought a new smart TV with all the latest features.
We hebben net een nieuwe smart-tv gekocht met alle nieuwste functies.

personal computer

/ˌpɝː.sən.əl kəmˈpjuː.t̬ɚ/

(noun) personal computer, pc

Voorbeeld:

I bought a new personal computer for my studies.
Ik kocht een nieuwe personal computer voor mijn studie.

sound system

/ˈsaʊnd ˌsɪs.təm/

(noun) geluidssysteem, geluidsinstallatie

Voorbeeld:

The club installed a new sound system for better music quality.
De club installeerde een nieuw geluidssysteem voor betere muziekkwaliteit.

remote control

/rɪˌmoʊt kənˈtroʊl/

(noun) afstandsbediening

Voorbeeld:

Can you pass me the remote control for the TV?
Kun je me de afstandsbediening voor de tv aangeven?

stereo system

/ˈster.i.oʊ ˌsɪs.təm/

(noun) stereoset, stereo-installatie

Voorbeeld:

He just bought a new stereo system for his living room.
Hij heeft net een nieuwe stereoset gekocht voor zijn woonkamer.

burglar alarm

/ˈbɜːr.ɡlər əˌlɑːrm/

(noun) inbraakalarm, alarmsysteem

Voorbeeld:

The burglar alarm went off when a cat jumped through the window.
Het inbraakalarm ging af toen een kat door het raam sprong.

fire alarm

/ˈfaɪər əˌlɑːrm/

(noun) brandalarm

Voorbeeld:

The fire alarm went off, and everyone evacuated the building.
Het brandalarm ging af en iedereen evacueerde het gebouw.

television

/ˈtel.ə.vɪʒ.ən/

(noun) televisie, tv, televisietoestel

Voorbeeld:

We watched the news on television.
We keken naar het nieuws op televisie.
Leer deze vocabulaireverzameling op Lingoland